donderdag 9 mei 2013

388. Het zaad van Europa



De Europese Commissie werkt aan nieuwe regels waardoor het kweken van groenten en fruit alléén nog maar mag met door Europa toegelaten zaad. Dit naar aanleiding van een uitspraak van het Europese Hof van Justitie dat vorig jaar heeft beslist dat in Europa enkel nog gecertificeerd zaaigoed mag worden verkocht. Dit geldt niet enkel voor de professionele land- en tuinbouw en voor biologische boeren, maar ook voor bijvoorbeeld volkstuinders. De lobby van biotechbedrijven zoals Monsanto, Bayer en DuPont heeft blijkbaar gewerkt. Het zijn dezelfde bedrijven die recentelijk in het nieuws kwamen vanwege de bijensterfte en de giftige neonicotinoïden waarmee zij hun zaaigoed behandelen. Drie van deze neonicotineoïden zijn nu in Nederland tijdelijk verboden. Let wel, dit zijn drie van de vele tientallen soortgelijke gifstoffen die nog wel zijn toegestaan. Daarnaast is sinds juni 2011 een verordening van Het Europese Parlement van toepassing, die bepaalt dat geen enkel gewasbeschermingsmiddel op de markt mag worden gebracht of gebruikt, tenzij het middel officieel is toegelaten. Het addertje onder het gras zit hem erin dat door deze verordening simpele huismiddeltjes als groene zeep tegen luizen, bier tegen slakken of melk om snijmesjes te ontsmetten, daarmee ook verboden zijn. Het zijn hulpmiddelen die in de sterk opkomende biologische landbouw veel toegepast worden en wat de biotechbedrijven dus geen geld oplevert. Voor het gebruik van deze simpele en onschuldige huismiddeltjes moet een boer of tuinder in de toekomst goedkeuring hebben van de Europese Commissie. Dat kan alleen als blijkt “dat de desbetreffende stof geen onmiddellijk of uitgesteld schadelijk effect heeft op de gezondheid van mens of dier, noch een onaanvaardbaar nadelig effect heeft op het milieu”. Een lidstaat of belanghebbende partij moet daartoe “een aanvraag indienen voor goedkeuring als basisstof, met eventueel beschikbare evaluaties over de mogelijke effecten”. Dit wil zeggen dat als een boer groene zeep wil gebruiken tegen luis op zijn tuinbonen, dit niet mag. Eerst zal de werking aangetoond moeten worden van elke werkzame stof in die groene zeep en zo van elk ander onschuldig middel. Zulk onderzoek kost tienduizenden euro’s per onderzochte stof en is voor biologische boeren niet op te brengen. Deze verordening wilde men er snel doordrukken, maar doordat er veel protesten kwamen, zijn de maatregelen inmiddels uitgesteld tot 1 januari 2014. Bedrijven krijgen tot 1 juli 2015 de gelegenheid om goedkeuring te verkrijgen.
Verwachting: over een tijdje kunnen we het wel schudden en is er geen sprake meer van enige vrijheid op elk gebied van het leven. Alles wordt van bovenaf bepaald, geregeld en gecontroleerd. Wie  niet mee wil in het systeem, wordt opgesloten en heropgevoed. Ouderen die ziek zijn, niet of minder productief, worden nog even volgestopt met ‘geneesmiddelen’, waarna er tenslotte één allerlaatste pil rest.

Piet Schellekens: 'Gentechmais met pauwenveren'





























dinsdag 7 mei 2013

386. Zandkrabben


Deze zandkrabben kwam ik tegen op het eiland Ko Chang in Zuid-Oost Azië. Ze maken prachtige balletjespatronen. Ik heb er al eerder een blog aan gewijd (blog 177: 'Een bijzondere krab'), maar toen had ik ze nog niet met eigen ogen bezig gezien.








Gebruik de link hieronder om op het filmpje te zien hoe de zandkrabben deze balletjes produceren.

http://www.youtube.com/watch?feature=player_detailpage&v=yyXDnkU1VW0






zaterdag 4 mei 2013

385. Vogelvlooien


Achter in mijn tuin hangt een nestkast voor een pimpelmees. Ik had er dit jaar niet meer in gekeken, maar omdat ik rond die plek de laatste tijd geen vliegbewegingen meer had waargenomen, ging ik eens kijken. Voorzichtig haalde ik het kastje van de boom en hing het direct zo snel als ik kon weer terug, want wat bleek: ik werd besprongen door tientallen uitgehongerde vlooien. Ik klopte ze zoveel mogelijk van me af, maar desondanks zaten ze binnen luttele seconden onder de boorden van mijn mouwen en hals. Zelfs in en op mijn sokken en schoenen zaten vlooien.

Ik had het kunnen weten, want had het al eens eerder meegemaakt bij een verlaten winterkoninkjesnest. De muur en het nestkastje zaten toen vol met zwarte stipjes, wat vlooien bleken te zijn. Enige jaren daarvoor had een boommarter me al eens uit mijn tuinhut verdreven. Ze had haar nest gebouwd op het houten plafond onder de dakpannen. De kleine boommartertjes piesten alles onder. Vanwege de ondraaglijke stank was ik genoodzaakt om tijdelijk te verkassen. Toen de familie na enkele maanden eindelijk vertrok, brak ik daarna nietsvermoedend het plafond open om enkele planken te vernieuwen, waarna honderden vlooien zich uitgehongerd op mij, hun nieuwe gastheer, stortten. Voor veel mensen is het een onbekend fenomeen, vlooien bij vogels. Van katten en honden is het bekend, maar daar houdt het dan mee op. Ondertussen weet ik wel beter. Ook had ik al eens gemerkt dat egels vlooien kunnen verliezen tijdens hun nachtelijke tochtjes. Zeker als er een sterft, dan sterft het meteen ook van de vlooien, die naarstig op zoek gaan naar nieuwe warmte en levend bloed.
Vogelvlooien leven in vogelnesten, zijn 2 tot 5 mm. groot en kunnen ver springen. Ze blijven niet zoals sommige luizen permanent op de vogel zitten, maar komen alleen naar de gastheer om bloed te zuigen. Als de jonge vogels het nest hebben verlaten, blijven er vlooien in het nest achter. Ik stel me voor dat een aantal volgezogen vlooien rustig met hun ogen dicht, liggen uit te buiken in een stil hoekje van het nest. De jonge vogels zijn intussen uitgevlogen. Op een gegeven moment worden de vlooien wakker van de honger, missen hun levende provisiekast en gaan vervolgens naarstig op zoek naar bloed. Zo kan het dus gebeuren dat argeloze voorbijgangers besprongen worden en de vlooien ongemerkt mee naar binnen nemen. Lang houden ze het overigens niet uit bij de mens, vlooien hebben de beschutting van een vacht of verenkleed nodig, maar wel lang genoeg om het een mens lastig te maken.

Merelnest
Kauw die parasieten wegpikt bij een schaap





donderdag 2 mei 2013

382. Chinatown Bangkok: het auto-onderdelendistrict


In Chinatown Bangkok heb je een wijk waar alleen maar bedrijfjes zijn gevestigd die handelen in gebruikte auto-onderdelen. Het ruikt er naar smidsvuur, laswerk, olie en ijzer en de straten liggen er bezaaid met stukjes metaal. Tussen grote stapels tandwielen, assen en kogellagers borstelen jongens de roest van het staal of halen automotoren uit elkaar. Het is veelal handwerk dat slecht wordt betaald en ook nog eens ongezond en gevaarlijk is. De bo-dem in dit deel van de Chinezenwijk is doordrenkt met wegge-lopen resten motorolie en kwalijke pcb’s.
    Ik vroeg me af hoe doelmatig nou zo’n berg met auto-onderdelen is. Het binnenste van de stapel is niet meer zichtbaar, dat lijkt me toch verloren ruimte. En hoe moet dat nu als je ergens onder in die berg een tandwiel denkt te kunnen gebruiken? Hoe krijg je zoiets er tussenuit zonder dat er een lawine aan ijzer en roest naar beneden komt? 
    Chinatown in Bangkok is sowieso een wonderlijke wereld. Zoals men hier tussen de rommel leeft, zo ongeveer moet het er 150 jaar geleden bij ons ook uitgezien hebben: primitief, armoedig en bovenal smerig. Maar nog steeds erg interessant en kleurrijk, zoals overal in deze oude Chinezenwijk.