zondag 23 oktober 2011

219. De dood van Khadafi

Volgens de laatste berichten vluchtte Muammar Khadafi in een konvooi uit de Lybische stad Sirte. NAVO-vliegtuigen ontdekten de stoet en bestookten een tiental auto’s met raketten. Khadafi trachtte zich te verstoppen in een afwateringsbuis langs de weg maar werd vrijwel meteen ontdekt door opstandelingen. Ze sleurden hem uit de buis waarna hij is gelyncht en vermoord. Het zijn diep trieste en mensonwaardige beelden die de wereld overgaan, vanaf de momenten vlak voor zijn dood tot de bezichtiging van zijn lijk in een koelhuis. Op de laatste momenten van zijn leven kwam hij in een verschrikkelijke hel terecht, werd omringd door tientallen waanzinnige duivels die hem uitjouwden, bespuugden, aftuigden en tenslotte doodschoten.

 Khadafi had veel misdaden op zijn geweten. Wat hem nu is overkomen is zeer waarschijnlijk nog niks bij wat hij vele anderen heeft aangedaan. “Eindelijk zijn verdiende loon!”, zou je dan kunnen zeggen. Maar ik vind dat niemand het recht heeft om een ander mens toe te takelen en/of te doden. Zulke afschuwelijke uitingen van wrok en haat kunnen geen recht doen aan de ander en niet aan degene die ze uitdraagt. Wel is het onze plicht aan de gemeenschap te verhinderen dat misdadigers van zwaar kaliber nog ooit in de fout kunnen gaan. We hebben rechters en allerlei instituties die daarvoor zorg dragen, hoewel het altijd mensenwerk blijft.

   Iedereen sterft een keer en ik stel me zo voor dat een mens uiteindelijk oog in oog komt te staan met zichzelf en dan zijn eigen hel en hemel ten volle zal ervaren, een confrontatie met wie je was en wie je bent.
   Los nog van de vraag wat deze doorgedraaide opstandelingen onder het regime van Khadafi wel of niet meegemaakt hebben, is het moeilijk te zeggen hoe iemand reageert als hij in zo'n situatie terechtkomt. Ik durf er mijn handen niet voor in het vuur te steken. Tegelijkertijd voel ik ook mededogen met Khadafi, zoals ik dat ook had toen Saddam Hoessein voor de draaiende camera’s uit zijn hol werd gehaald en een tijdje later de doodstraf werd voltrokken. Ik zie dan niet enkel zijn lijst met zware misdaden voor me, maar ook dat zo’n man ooit als een klein kwetsbaar wezentje ter wereld is gekomen, zijn eerste lachje aan zijn omgeving gaf en kraaide van plezier als hij gekieteld werd. Ergens in zijn leven is er een keerpunt geweest en kwam het van kwaad tot erger. Op een gegeven moment kon hij niet meer terug, is hij alle gevoel voor proporties verloren en moet het in zijn bol zijn geslagen. Mensen met veel macht worden/zijn trouwens bijna allemaal geestesziek, ook al lijken ze normaal te functioneren. Het beste is om uit de slangenkuil te blijven en dicht bij jezelf. Khadafi was in ieder geval goed ziek, dat moge duidelijk zijn. Het stomme is dat alle regeringsleiders het wisten en zoete broodjes met hem bleven bakken omdat er financieel voordeel was te behalen. Dan ben je dus net zo ziek. Het beest in hem was toen allang uit zijn kooi gebroken en sloeg zijn klauwen uit naar alles wat hem niet zinde. Ze stonden erbij, keken er naar en vulden hun geldbuidels zolang het nog kon. Khadafi is dood, de kaarten worden opnieuw geschud. Achter de schermen bieden de marktpartijen stevig tegen elkaar op en spelen hun spelletjes. Er valt nog het een en ander te halen in Libië.
   De Arabische lente kent nog vele winterse dagen. Het gure weer blijft nog wel even aanhouden. Waarschijnlijk een natte zomer met weinig zon erachteraan en dan zitten we alweer in de herfst. Groei en ontwikkeling heeft nu eenmaal een bepaalde tijd nodig.


Zie ook: Khadafi en de waanzin 11-02-2011

en: Khadafi, einde van een dictator 20-10-2011

  

donderdag 20 oktober 2011

217. Khadafi, einde van een dictator


Ik begrijp de uitzinnige vreugde van het Libische volk nu Khadafi, het symbool van onderdrukking, onvrijheid en terreur, er sinds vanmiddag niet meer is. Tegelijkertijd laten de begeleidende beelden zien dat het ongeregelde zootje strijders van het nieuwe regime als ze in eenzelfde machtspositie verkeren, het waarschijnlijk niet veel beter doen dan Khadafi en consorten. Er is een chronisch gebrek aan beschaving bij de massa en bij hun leiders, niet alleen in het Midden-Oosten maar overal ter wereld. Ware leiders zijn een voorbeeld van eerlijkheid, wijsheid en rechtvaardigheid, waar een bevolking zich aan kan optrekken. De wereldleiders van nu, met in hun kielzog de handelsdelegaties, verdrongen zich nog maar kort geleden voor de troon van diezelfde Muamar Khadafi om nieuwe oliecontracten af te sluiten en andere voordelige deals. Als de beste vrienden omhelsden ze elkaar terwijl onder hun ogen de onderdrukking van het Libische volk gewoon doorging. Toen de Lybiërs tegen de terreur opstonden, doordrukten en het duidelijk werd dat Kadhafi weleens het veld zou moeten gaan ruimen, veranderden zijn Westerse vrienden plots in vijanden en steunden de opstandelingen. De buit onder elkaar verdelen is veel  lucratiever natuurlijk. De wereld hangt aan elkaar van hypocrisie.
   Khadafi zou zich voor al zijn misdaden voor een rechter hebben moeten verantwoorden. Dat zou een helder en duidelijk signaal zijn geweest naar andere leiders en een opsteker voor alle wereldburgers. Nu viert men de gewelddadige dood van Khadafi alsof hij het allerlaatste exemplaar was van een bende machtswellustelingen. Maar de overige wereldleiders, bankiers en oude mafiavrienden vieren het feest vrolijk mee. En zij, als zij ook maar één zwak moment bij een andere concurrent ontwaren, knallen ze die ook meteen af. Het is de Amsterdamse onderwereld, maar dan in het groot.
   Intussen wordt het volk van Syrië al een tijd in de steek gelaten. Er zijn inmiddels meer dan 3000 vreedzaam protesterende burgers gedood en tienduizenden gewond. Pas als het volk een doorbraak forceert komen de mafiosi van alle kanten met hun steun en mooie woorden, vervolgens gaan ze er opnieuw met de buit vandoor en een marionettenregering mag de zaken onderhouden.
   Muamar Khadafi is behandeld zoals hij dat met duizenden onderdanen gedaan heeft. Desondanks is het tragisch en triest dat men niet in staat is geweest om deze man voor de rechter te brengen.

216. Nieuwe schoenen en een broek













dinsdag 18 oktober 2011

214. Blaadjes met een gaatje


Veel boeren en tuinders krijgen bijkans een hartaanval als ze het zien, een gaatje in een blad. Dan moet er meteen de spuit overheen. Niet enkel over dat ene blaadje, maar over duizenden blaadjes en planten van dezelfde soort die op het land of in de kas in dichte rijen op elkaar staan.

Blaadjes met een gaatje of een afwijkende vorm hebben mijn aandacht omdat er iets speciaals gebeurt. Ieder gaatje of beschadiging heeft wel een verhaal, het zegt wat over oorzaak en ontstaan. Heeft de plant weinig weerstand, is ie verzwakt en hoe komt dat? Waardoor worden er insecten aangetrokken en waarom juist deze? Sommige beginnen aan het blad te knabbelen of leggen er eitjes op zodat de uitgekomen rupsen langzaam de levenskracht overnemen van de plant en er eigenlijk een metamorfose plaatsvindt van blad of plantendeel naar insect. Leven, ziekte en dood in de natuur, groei en bloei, zijn ook boeiend omdat er vaak paralellen zijn te ontdekken met ontwikkelingsprocessen bij mensen. De verschillende levensvormen werken gemeenschappelijk naar een bepaald evenwicht toe. Niet een absoluut evenwicht, want dat bestaat niet, maar naar een evenwichtige situatie waardoor er een zo optimaal mogelijke ontwikkeling van leven plaats kan vinden.  Binnen dat geheel heeft alles zijn specifieke schoonheid.


zondag 16 oktober 2011

213. Voedselvervoer kan slimmer: een andere visie

  
‘Voedselvervoer kan slimmer’, zag ik staan op de voorpagina van De Volkskrant. Het bericht is onderdeel van een advertentiecampagne van Wageningen Universiteit. Voordat ik de inhoud van de advertentie gelezen had (ik zat even rustig een boterhammetje te eten) begon ik te filosoferen over de titel en waar het over zou kunnen gaan. Ja, dacht ik, natuurlijk kan dat slimmer en efficiënter.

Als ik een doosje met hagelslag koop, een pak wasmiddel, of een mobiele telefoon om maar eens iets te noemen, dan bestaat minstens een derde deel van de verpakking uit lucht. Een bekend verschijnsel waar iedereen zich wel ooit flink bedonderd door heeft gevoeld. Maar dat doosje met hagelslag komt uit een grote kartonnen doos die ook voor een derde deel gevuld is met lucht. En de kartonnen dozen gaan de hagelslagfabriek uit in een vrachtwagen die dus maar voor tweederde deel gevuld is met hagelslag. Zeg je: ‘Voedselvervoer kan slimmer’, dan zeg ik 'ja, dat kan!' Als er drie vrachtwagens de fabriek uitrijden en je kunt dezelfde inhoud middels een efficiënte verpakking met twee vrachtwagens vervoeren, dan ben je toch gek als je dat met drie wagens doet. Ze zíjn dus ook gek! Het betekent dat er iedere dag duizenden vrachtwagens zonder noodzaak de weg op gaan, gevuld met lucht. Er zouden minder rijbanen en wegen nodig zijn, de luchtvervuiling en CO2-uitstoot zou aanzienlijk verminderen. Bovendien, als al die overbodige chauffeurs verlof krijgen van hun baas, kunnen die chauffeurs eindelijk eens hun vrouw thuis helpen met de afwas, met stofzuigen en voor de kinderen zorgen, zo hebben ze eindelijk meer tijd voor elkaar. Daardoor zijn er minder echtscheidingen (of juist meer, maar dat doen we nu even niet), zijn er minder advocaten nodig, minder  rechtbanken, dossiers en telefoons en ga zo maar door. Een doosje hagelslag een derde  kleiner maken en tot aan de rand vullen, kan een kettingreactie op gang brengen die de hele wereld ingrijpend veranderd. Dat kán.

Nu nog even verder lezen wat Wageningen Universiteit weet te melden: ”Hoe behoud je de kwaliteit zodat gesneden groenten, tomaten, mango’s of bloemen vers blijven tot bij de consument? Hoe verminder je de milieubelasting? Door slimmer transport en opslag”. Ik lees verder: “Zij werken aan bijvoorbeeld intelligente verpakkingen om aardbeien langer vers te houden, of aan efficiënter vervoer van streekproducten naar de winkel”.  Over efficiënter vervoer schreef ik hierboven al en het is sterk de vraag of de WUR hiervoor een betere oplossing heeft kunnen bedenken.
   Wat gesneden groenten betreft: waarom zou je gesneden groenten kopen? Het leven vloeit er meteen uit en de groente is dan niet meer vers. Bovendien heeft iedereen een mes in de keukenla liggen. Het wassen en snijden is leuk werk en duurt zelden langer dan 10 minuten. Wat is het probleem eigenlijk? Als je de mensen tot luiaards en niksnutten wilt opkweken moet je het zo doen.
   Over fruit vers houden: Aardbeien komen ‘s morgens vers geplukt van het land. Als ze  dezelfde dag nog in de winkel liggen kun je met recht spreken van verse aardbeien. De winkel kan ze dan ook nog de volgende dag verkopen. Ga je ze langer vers houden dan mogelijk is, dan gebeurt er op dat moment iets onnatuurlijks, ook al is de verpakking nog zo intelligent. Ik vermoed dat men dan al gauw denkt aan een bepaald gas wat in de afsluitbare verpakking wordt gebracht, aan bestraling, of wat er allemaal nog meer verzonnen kan worden om de aardbei ‘stil’ te leggen, zodat deze er na een week nog steeds fris en monter uitziet. Want zo probeert men ons toch meestal tot kopen aan te zetten? Een aardbei moet er vooral lekker úitzien, maar of ie dan ook lekker is, met dezelfde kwaliteit als een echte verse vrucht….

   “Bloemen die vers blijven”? Een heel oud trucje is om de bloemen in het water te zetten! Maar, als je ze met het vliegtuig naar Australische winkels wilt brengen en mango’s naar hier, dan ben je toch echt met hele rare dingen bezig en moet je verder ook niet gaan zeuren over vermindering van milieubelasting.
   “Efficiënter vervoer van streekproducten naar de winkel”, is ook zoiets. Streekproducten komen uit de nabije omgeving en daar horen ze ook thuis. Ga ze niet naar een andere streek brengen en al zeker niet naar andere landen want daar hebben ze hun eigen streekproducten. Zo blijft het interessant. Als elk gebied op de wereld eendere producten gaat verkopen kunnen we net zo goed thuis blijven, de winkels hebben overal hetzelfde assortiment. Op elk moment van het jaar kun je voortaan ‘verse aardbeien van de boer’ consumeren. En het resultaat daarvan is dat het leven saai en eentonig wordt en de mens zich diep ongelukkig voelt. 
   Oplossingen verzinnen voor problemen is niet altijd moeilijk. Vaak is er ook niet veel energie en ingewikkelde expertise voor nodig. Maar het wordt anders als mensen buitensporige winsten willen behalen en méér voor zichzelf opeisen dan waar ze recht op hebben. Dan wordt men blind voor de medemens en voor de eenvoud van het leven. Die eenvoud ligt meestal in het kleine en overzichtelijke, zodat het totale proces voor iedereen is te volgen.
 

vrijdag 14 oktober 2011

212. De zedenmeesters

Gisteren las ik in De Volkskrant een column van Arnon Grunberg met als titel: ‘Zedenmeesters’. Ik plaats de column hieronder en vervolgens plak ik er zelf nog wat achteraan.
Klik op de tekst hieronder voor een groter beeld, keer terug met de pijl linksboven


De zedenmeesters en de angst voor het obscene’ doet me onwillekeurig denken aan de angst voor het onderbewuste in de mens, datgene wat we vaak niet kennen of niet willen weten. Naast menselijke schoonheid, fatsoen en altruïsme, huist in ons ook het minder mooie, het ruwe onbeschaafde en de hebzucht. Met onze mooie menselijke eigenschappen hebben we niet zoveel moeite. Nou ja, bedenk ik meteen, sommige mensen weer wel. Degenen die vaak te horen hebben gekregen dat ze niks voorstelden, die altijd alles maar fout deden en zelden een compliment mochten ontvangen, zij hebben vaak wel moeite om zichzelf okee te vinden. Maar dat is dan even een extra hobbeltje dat genomen moet worden.

Ik ga ervan uit dat wij mensen de totale ontwikkeling van het leven op aarde als informatie in ons mee dragen. Binnen dat kader is de ontwikkeling van de mensheid vrij  jong. Wij mensen noemen onszelf dan wel de kroon op de schepping, maar grotendeels bevinden we ons nog in dierlijke staat met de mechanismen en reacties die daarbij horen. We zijn in de loop der tijd zo slim geweest om allerlei wetten en regels te maken, waardoor we ons vrij redelijk gedragen en enigszins rekening kunnen houden met elkaar, op straffe van. Zover zijn we gekomen en dan nog loopt het vaak flink uit de hand.
Als een mens zich niet of nauwelijks bewust is van zijn schaduwkant kan dat voor vervelende verrassingen zorgen als men in een machtspositie belandt. Dat geldt tevens voor situaties waar de groepsnorm geldt of waar men het eigen geweten dient uit te schakelen zoals bijvoorbeeld bij het leger, de politie en meer organisaties. Binnen groepen manifesteren geldings- en overlevingsdrang zich sterker. Een persoonlijke geschiedenis van miskenning, liefdeloosheid of vernedering (en die ervaring hebben veel mensen), kan binnen een machtsverhouding gemakkelijk leiden tot excessief gedrag als overheersing, agressie en vernedering. Veel mensen kennen dit vanuit hun jeugd of van ervaringen op het werk of binnen een relatie. 

Ons dagelijkse denken, doen en laten wordt nog steeds in sterke mate beheerst door dierlijke drijfveren als hebzucht, afgunst en heerszucht. Daaroverheen ligt een dun laagje beschaving wat nog volop in ontwikkeling is. Gewone brave burgers blijken in bepaalde situaties in staat te zijn om te moorden, te verkrachten en andere levens te vernietigen. Door onwetendheid en gebrek aan zelfkennis kan het beest in de mens losbreken en op een achteloos moment zijn gang gaan. Sluwe politici weten dat, ze werken daar op in en voeden de onderbuikgevoelens van de massa. Vreemdelingen en mensen met afwijkend gedrag hebben plots geen bestaansrecht meer, ze worden uitgestoten en moeten zo snel mogelijk oprotten. Dat zit er diep in, krijgt weerklank en heeft zijn oorsprong waarschijnlijk in de vroege mensheidsontwikkeling waar vreemdelingen met wantrouwen werden bekeken en gevaar betekenden. Ze zijn anders, we kennen ze niet, wat zijn ze van plan? Komen ze ons voedsel stelen, onze vrouwen roven? Willen ze onze schuilplaatsen of ons land innemen? Vreemdelingen en rare lui brengen niks goeds, ze hebben hier niks te zoeken, weg ermee! We zijn inmiddels vele duizenden jaren verder. Als in de huidige tijd het humane door het dierlijke wordt verdrongen is dat de omgekeerde volgorde en dat betekent achteruitgang. Als er zo’n klimaat wordt gecreëerd en deze primitieve instincten worden opgeroepen, komen er allerlei mensen en groeperingen in de knel, op de eerste plaats de vreemdelingen en zwakkeren in de samenleving. Of het nu boerkadragers zijn, moslims of joden, donker uitziende types, zigeuners, buitenlanders, zwervers, dieven, gestoorden, verkrachters, homoseksuelen,  pedoseksuelen of onaangepaste luilakken, we willen het vreemde of ongemakkelijk voelende uitbannen en ontkennen daarmee impliciet onszelf. In een later stadium worden daar dan vaak nog kunstenaars, schrijvers, intellectuelen, onafhankelijke denkers en voor alle zekerheid ook nog brildragers aan toegevoegd, omdat ze een gevaar kunnen vormen voor de leiders/dictators.

Bij mensen die niet de moed of de vermogens bezitten om in de donkere spelonken van de ziel af te dalen, vloeit het dierlijke en menselijke vaak naadloos in elkaar over. De angst voor het onbekende kan primitieve instincten, driften en frustraties naar de oppervlakte brengen waar machthebbers en politici verder op in kunnen spelen. Het zou triest zijn als deze tendens zich voortzet, want in dat geval staat ons nog een moeilijke tijd te wachten. Ook dan geldt dat de golfbeweging van het leven zich vroeg of laat weer uit het dal naar omhoog verheft. Het zou prettig zijn als we dat ook nog mogen ervaren. En maken we het niet meer mee dan komt alles uiteindelijk toch nog goed. Of niet?